Wat zegt de Bijbel over de vreze des Heeren? — Het Fundament
HET FUNDAMENT · DE OORSPRONKELIJKE STUDIE, GEPLAATST IN DE OUDE ORDE
Vrees voor de Heer — Fundamentele Bijbelse leer
OPENEND WOORD
De vreze des Heren is niet bang zijn voor God. Het is de eerbied die verandert wat iemand doet. De Schrift verbindt het aan het wandelen, niet aan het voelen. Deze studie volgt die lijn van een belofte die gedaan is aan hen die God vrezen, via een natie die zei hem te vrezen terwijl zij andere goden diende, tot een gemeente die beefde en daarna groeide.
DRIE VRAGEN DIE DEZE STUDIE BEANTWOORDT:
1. Wat geeft God aan de man die Hem vreest?
2. Kan iemand zeggen dat hij de Heere vreest, en toch beschouwd worden als iemand die Hem helemaal niet vreest?
3. Hoe ziet de vreze des Heeren er werkelijk uit in een leven?
OPENENDE ANKER
Tap Bible Speaks under any verse for its word study, other Scripture, and notes.
Psalmen 25:12Mem. Wie is de man, die den HEERE vreest? Hij zal hem onderwijzen in den weg, dien hij zal hebben te verkiezen.
Samech. De verborgenheid des HEEREN is voor degenen, die Hem vrezen --> en Zijn verbond, om hun die bekend te maken.
(Mijn persoonlijke gedachten — het woord voor geheim hier is "sod" (H5475, geheime raad), een gezelschap van mensen in nauw overleg. God vertelt niet slechts Zijn plannen aan hen die Hem vrezen. Hij brengt hen in de kamer waar de plannen gemaakt worden.)
1. WAT GOD GEEFT AAN DE MAN DIE HEM VREEST
Psalmen 128:1Een lied Hammaaloth. Welgelukzalig is een iegelijk, die den HEERE vreest, die in Zijn wegen wandelt.
Want zo hoog de hemel is boven de aarde = is Zijn goedertierenheid geweldig over degenen, die Hem vrezen.
Psalmen 103:17Maar de goedertierenheid des HEEREN is van eeuwigheid en tot eeuwigheid over degenen, die Hem vrezen, en Zijn gerechtigheid aan kindskinderen;
Maar de goedertierenheid des HEEREN is van eeuwigheid en tot eeuwigheid over degenen.
(Mijn persoonlijke gedachten — lees de beloften samen en let op wat ze gemeenschappelijk hebben. De zegen is verbonden aan het wandelen in zijn wegen en het behagen scheppen in zijn geboden. Nergens is hij verbonden aan een gevoel.)
2. DE VREES DIE GOD ALS GEEN VREES REKENT
2 Koningen 17:33Zij vreesden den HEERE, en dienden ook hun goden, naar de wijze der volken, van dewelke zij die weggevoerd hadden.
ZIJ VREESDEN DEN HEERE + EN DIENDEN OOK HUN GODEN.
2 Koningen 17:34Tot op dezen dag toe doen die naar de eerste wijzen; zij vrezen den HEERE niet, en zij doen niet naar hun inzettingen, en naar hun rechten, en naar de wet, en naar het gebod, dat de HEERE geboden heeft aan de kinderen van Jakob, dien Hij den naam Israel gaf.
Maar den HEERE, uw God, zult gij vrezen --> en Hij zal u redden uit de hand van al uw vijanden.
(Mijn persoonlijke gedachten — één vers zegt dat zij de HEERE vreesden. Het volgende zegt dat zij Hem niet vreesden. Beide zijn waar, en dat is de les. Verdeelde aanbidding wordt door God gerekend als helemaal geen vrees voor Hem.)
3. DE VREZE DES HEEREN IS HET KWADE TE HATEN
Spreuken 8:13De vreze des HEEREN is, te haten het kwade, de hovaardigheid, en den hoogmoed, en den kwaden weg; Ik haat ook den mond der verkeerdheden.
De vrees des HEEREN is het beginsel der wetenschap.
Psalmen 111:10Resch. De vreze des HEEREN is het beginsel der wijsheid; Schin. allen, die ze doen, hebben goed verstand; Thau. Zijn lof bestaat tot in der eeuwigheid.
DE VREZE DES HEEREN IS HET BEGINSEL DER WIJSHEID + ALLEN, DIE ZE DOEN, HEBBEN GOED VERSTAND.
(Mijn persoonlijke gedachten — het woord voor haten hier is "sane" (H8130, haten), en Strong's geeft het weer als persoonlijk haten. Dit is geen milde afkeuring van het kwaad in het algemeen. Het is een vaste persoonlijke haat tegen dezelfde dingen die God haat.)
Spreuken 6:16Deze zes haat de HEERE; ja, zeven zijn Zijn ziel een gruwel:
Een vals getuige, die leugenen blaast + en die tussen broederen krakelen inwerpt.
(Mijn persoonlijke gedachten — God noemt de zeven zelf, dus een mens mag zijn eigen lijst niet kiezen. De laatste is het waard om twee keer te lezen, want tweedracht zaaien onder broeders staat op dezelfde lijst als onschuldig bloed vergieten.)
4. GROTE VREES KWAM OVER DE HELE GEMEENTE
Matteus 10:28En vreest niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.
En vreest niet voor degenen, die het lichaam doden --> maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.
5. ANDER BEELD, ZELFDE SCÈNE -- VREES NIET VOOR HEN DIE HET LICHAAM DODEN
Lucas 12:4-5En Ik zeg u, Mijn vrienden: Vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en daarna niet meer kunnen doen. (5) Maar Ik zal u tonen, Wien gij vrezen zult: vreest Dien, Die, nadat Hij gedood heeft, ook macht heeft in de hel te werpen; ja, Ik zeg u, vreest Dien!
Handelingen der apostelen 9:31De Gemeenten dan, door geheel Judea, en Galilea, en Samaria, hadden vrede, en werden gesticht; en wandelende in de vreze des Heeren, en de vertroosting des Heiligen Geestes, werden vermenigvuldigd.
WANDELENDE IN DE VREZE DES HEEREN + IN DE VERTROOSTING DES HEILIGEN GEESTES = WERDEN VERMENIGVULDIGD.
(Mijn persoonlijke gedachten — Petrus zei tegen Ananias dat het geld zijn eigendom was om te houden. De zonde was niet het achterhouden ervan. De zonde was het veinzen, en de gemeente die dit zag, groeide daarna in plaats van te krimpen.)
2 Korintiers 7:1Dewijl wij dan deze beloften hebben, geliefden, laat ons onszelven reinigen van alle besmetting des vleses en des geestes, voleindigende de heiligmaking in de vreze Gods.
(Mijn persoonlijke gedachten — deze twee verzen zeggen waar de vrees van God zich het eerst toont. Ze toont zich in het opruimen van je eigen leven, en ze toont zich in hoe je de mensen naast je behandelt.)
6. WERK HET UIT MET VREZEN EN BEVEN
Filippenzen 2:12Alzo dan, mijn geliefden, gelijk gij te allen tijd gehoorzaam geweest zijt, niet als in mijn tegenwoordigheid alleen, maar veelmeer nu in mijn afwezen, werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven;
Hebreeen 12:28Daarom, alzo wij een onbewegelijk Koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vast houden, door dewelke wij welbehagelijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.
WIJK AF VAN HET KWAAD + DOE HET GOEDE + ZOEK DEN VREDE + JAAG DIEN NA.
(Mijn persoonlijke gedachten — het koninkrijk kan niet bewogen worden, en hetzelfde vers zegt nog steeds dat wij moeten dienen met godvruchtige vrees. Zekerheid en eerbied zijn in de Schrift geen tegenstellingen. Ze staan in één zin.)
MOND VAN TWEE
Spreuken 19:23De vreze des HEEREN is ten leven; want men zal verzadigd zijnde vernachten; met het kwaad zal men niet bezocht worden.
en door de vreze des HEEREN wijkt men af van het kwade.
(Mijn persoonlijke gedachten — drie getuigen zeggen hetzelfde in drie verschillende boeken. De vrees des HEEREN leidt tot leven, en zij beweegt een mens weg van het kwaad in plaats van hem er slechts voor te waarschuwen.)
DE SCHADUW EN DE VERVULLING
1.Exodus 20:18En al het volk zag de donderen, en de bliksemen, en het geluid der bazuin, en den rokenden berg; toen het volk zulks zag, weken zij af, en stonden van verre.
Maar gij zijt gekomen tot den berg Sion + en de stad des levenden Gods.
(Mijn persoonlijke gedachten — bij de eerste berg deinsden de mensen terug en stonden op een afstand. Bij de tweede wordt de gelovigen gezegd dat zij al zijn aangekomen. De vrees hield niet op, maar de afstand wel.)
SLUITING
Prediker 12:13Van alles, wat gehoord is, is het einde van de zaak: Vrees God, en houd Zijn geboden, want dit betaamt allen mensen.
En Zijn barmhartigheid is van geslacht tot geslacht over degenen, die Hem vrezen.
(Mijn persoonlijke gedachten — de studie begon met een geheim dat getoond wordt aan hen die God vrezen, en zij besluit met elk verborgen ding dat in het oordeel gebracht wordt. Hetzelfde woord omvat beide, en genade is het laatste woord dat gesproken wordt over hen die Hem vreesden.)
OEFENTOETS
1. Psalm 25:14 — De verborgenheid des HEEREN is voor degenen die Hem vrezen, en Hij zal hun Zijn:
a) heerlijkheid
b) verbond
c) koninkrijk
2. Psalmen 128:1 — Welgelukzalig is een ieder, die den HEERE vreest, die wandelt in:
a) zijn wegen
b) het licht
c) waarheid
3. 2 Koningen 17:33 — Zij vreesden den HEERE, en:
a) hield zijn verordeningen
b) dienden hun eigen goden
c) bouwde hem een altaar
4. Spreuken 8:13 — De vreze des HEEREN is te:
a) haten het kwade
b) zwijg
c) zoek wijsheid
5. Job 28:28 — Zie, de vreze des Heeren, dat is wijsheid; en van het kwaad te wijken is:
a) verstand
b) wetenschap
c) rechtvaardigheid
6. Handelingen 9:31 — Wandelende in de vreze des Heeren, en in de vertroosting des Heiligen Geestes, waren zij:
a) verstrooid
b) vermenigvuldigd
c) bevestigd
7. Prediker 12:13 — Vrees God, en houd Zijn geboden: want dit is het gehele:
a) raad Gods
b) plicht van de mens
c) wet en profeten
ANTWOORDEN: 1-b, 2-a, 3-b, 4-a, 5-a, 6-b, 7-b
HOE DEZE STUDIE ZICH VERTAKT
--> Hoe de vrees des HEEREN de wijsheid doet aanvangen: de vrees des HEEREN is het beginsel der wijsheid (Psalmen 111:10) — en God is het die wijsheid geeft, en kennis en verstand komen uit zijn eigen mond (Spreuken 2:6).
--> Hoe een verdeeld hart geoordeeld wordt: zij vreesden den HEERE, en dienden hun eigen goden (2 Koningen 17:33) — en niemand kan twee heren dienen (Mattheüs 6:24).
--> Hoe vrees verandert in groei: grote vreze kwam over de gehele gemeente (Handelingen 5:11) — en wandelende in de vreze des Heeren, werden zij vermenigvuldigd (Handelingen 9:31).
--> Hoe heiligheid wordt volbracht: de heiligmaking volbrengen in de vreze Gods (2 Korinthiërs 7:1) — en jaagt de vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand den Heere zien zal (Hebreeën 12:14).
--> Hoe de vrees des HEEREN een leven bewaart: de vrees des HEEREN is een springader des levens, om af te wijken van de strikken des doods (Spreuken 14:27) — en door de vrees des HEEREN wijkt men af van het kwade (Spreuken 16:6).
--> Hoe barmhartigheid antwoord geeft op vrees: en Zijn barmhartigheid is van geslacht tot geslacht over degenen die Hem vrezen (Lucas 1:50) — en zo groot is Zijn barmhartigheid over degenen die Hem vrezen (Psalmen 103:11).
GRIEKSE KERNWOORDEN
(het Grieks achter de woorden waarop deze studie steunt | Strong-nummer | het oorspronkelijke woord | wat het betekent | waarom het van belang is)
Dit Griekse woord duidt in de kern op schrik of angst. Het Hebreeuwse woord voor vrees in deze studie (yare, H3372) omvat in zijn eigen definitie zowel angst als ontzag, zodat beide testamenten vrees-taal gebruiken om hetzelfde bereik te bestrijken, van angst tot ontzag.
HEBREEUWSE SLEUTELWOORDEN
(het Hebreeuws achter de woorden waarop deze studie steunt | Strong-nummer | het oorspronkelijke woord | wat het betekent | waarom het van belang is)
“vrees” — H3372 yare — vrezen, eerbiedigen, bang zijn
Hetzelfde woord omvat zowel angst als eerbied, zodat de context bepaalt wat een vers bedoelt.
“geheime raad” — H5475 sod — een groep personen in nauw overleg, een raadpleging, een geheim
Het vrezen van God brengt een mens in de kring waar God Zijn plannen bekendmaakt, niet slechts in het nieuws achteraf.
“haat” — H8130 sane — persoonlijk haten
De vreze des Heeren wordt gemeten door persoonlijk te haten wat God haat, niet door het kwaad in het algemeen af te keuren.
“weg” — H1870 derek — een weg die betreden wordt, een levensloop of manier van handelen
God onderwijst de man die Hem vreest een hele levensloop, niet slechts één enkele beslissing.