🌐 Language
'Olelo Hawai'iAfaan Oromoobahasa IndonesiaBelarusianBrezhonegCebuanoChamorroChichewachiShonaChongthuCiyawoDanskDeutschEestiEnglishEspañolEsperantoeʋegbeFrançaisHausaHrvatskiIgboIlocanoItalianoKikuyuKiswahiliKiyombiKreyòl AyisyenLatinaLatviešulietuviųLingálaLugandaMagyarMahasuiMāoriNederlandsNorskPohnpeianPolskiPortuguêsQach’abelRomaniRomânăSanskritSetswanaShqipsrpski jezikSuomiSvenskaTagalogTiếng ViệtTonganTwiTürkçeUyghur tiliYorùbáÍslenskaČeštinaБългарскиРусскийУкраїнськаעבריתاردوالعربيةفارسیكوردی سۆرانیअहिराणी‎नेपालीभद्रवाही‎मराठीमानक हिन्दी‎हरियाणवी‎অসমীয়াবাংলাਪੰਜਾਬੀગુજરાતીଓଡ଼ିଆ‎தமிழ்తెలుగుಕನ್ನಡമലയാളംไทยဗမာἙλληνική中文日本語한국어+ Alle talen
See More Jesus

Wat Zegt de Bijbel Over Kennis? — Het Fundament · KJV-Schriftgedeelten met Strong's-nummers — Bijbelquiz

Kies bij elke referentie hieronder wat dat vers leert. Je score verschijnt aan het einde.

This is the graded quiz. Pass it to earn credit toward your Ministry Certificate of Endorsement.

Spreuken 10:14 — De ________ leggen wetenschap weg; maar den mond des dwazen is de verstoring nabij.
wijzen
blijdschap
verre
Spreuken 11:9 — De huichelaar verderft zijn ________ door den mond; maar door wetenschap worden de rechtvaardigen bevrijd.
tong
schande
naaste
Spreuken 12:1 — Wie de ________ liefheeft, die heeft de wetenschap lief; maar wie de bestraffing haat, is onvernuftig.
pad
vriend
tucht
Spreuken 15:14 — Een verstandig hart zal de wetenschap opzoeken; maar de mond der zotten zal met ________ gevoed worden.
dwaasheid
vertrouwen
grootheid
Spreuken 18:15 — Het hart der ________ bekomt wetenschap, en het oor der wijzen zoekt wetenschap.
slagen
lamp
verstandigen
Spreuken 24:5 — Een wijs man is ________; en een man van wetenschap maakt de kracht vast.
sterk
menigte
deur
Jesaja 5:13 — Daarom zal mijn volk ________ weggevoerd worden, omdat het geen wetenschap heeft; en deszelfs heerlijken zullen honger lijden, en hun menigte zal verdorren van dorst.
getuigenis
geweld
gevankelijk
Lukas 4:18 — De Geest des Heeren is op Mij, daarom heeft Hij Mij ________; Hij heeft Mij gezonden, om den armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart;
verworpen
verkondigd
gezalfd
2 Timotheüs 2:25 — Met zachtmoedigheid onderwijzende degenen, die tegenstaan; of hun God te eniger tijd ________ gave tot erkentenis der waarheid;
bekering
opstanding
lijdzaamheid
Jesaja 28:9 — Wien zou Hij dan de kennis leren, en wien zou Hij het gehoorde te verstaan geven? Den gespeenden van de ________, den afgetrokkenen van de borsten?
lied
melk
vat
Jesaja 28:10 — Want het is gebod op gebod, gebod op gebod, regel op regel, regel op regel, ________ een weinig, daar een weinig.
hier
raad
totdat
1 Korinthiërs 3:1 — En ik, broeders, kon tot u niet spreken als tot geestelijken, maar als tot ________, als tot jonge kinderen in Christus.
afgodendienst
vleselijken
kwaadheid
1 Korinthiërs 3:2 — Ik heb u met melk gevoed, en niet met vaste ________; want gij vermocht toen nog niet; ja, gij vermoogt ook nu nog niet.
bekend
spijs
ijdel
Hebreeën 5:14 — Maar der volmaakten is de vaste spijze, die door de gewoonheid de zinnen geoefend hebben, tot ________ beide des goeds en des kwaads.
onderscheiding
waarzegging
vleselijk
Jesaja 40:13 — Wie heeft den Geest des HEEREN bestierd, en wie heeft Hem als Zijn ________ onderwezen?
brullen
raadsman
pad
Jesaja 40:14 — Met wien heeft Hij ________ gehouden, die Hem verstand zou geven, en Hem zou leren van het pad des rechts, en Hem wetenschap zou leren, en Hem zou bekend maken den weg des veelvoudigen verstands?
schaduw
graf
raad
Romeinen 10:2 — Want ik geef hun getuigenis, dat zij een ________ tot God hebben, maar niet met verstand.
misdaden
ijver
uitverkorenen
2 Petrus 3:18 — Maar wast op in de ________ en kennis van onzen Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid, beide nu en in de dag der eeuwigheid. Amen.
daar
hier
genade
Spreuken 2:5 — Dan zult gij de ________ des HEEREN verstaan, en zult de kennis van God vinden.
brood
werk
vreze

← Terug naar de studie