🌐 Language
'Olelo Hawai'iAfaan Oromoobahasa IndonesiaBelarusianBrezhonegCebuanoChamorroChichewachiShonaChongthuCiyawoDanskDeutschEestiEnglishEspañolEsperantoeʋegbeFrançaisHausaHrvatskiIgboIlocanoItalianoKikuyuKiswahiliKiyombiKreyòl AyisyenLatinaLatviešulietuviųLingálaLugandaMagyarMahasuiMāoriNederlandsNorskPohnpeianPolskiPortuguêsQach’abelRomaniRomânăSanskritSetswanaShqipsrpski jezikSuomiSvenskaTagalogTiếng ViệtTonganTwiTürkçeUyghur tiliYorùbáÍslenskaČeštinaБългарскиРусскийУкраїнськаעבריתاردوالعربيةفارسیكوردی سۆرانیअहिराणी‎नेपालीभद्रवाही‎मराठीमानक हिन्दी‎हरियाणवी‎অসমীয়াবাংলাਪੰਜਾਬੀગુજરાતીଓଡ଼ିଆ‎தமிழ்తెలుగుಕನ್ನಡമലയാളംไทยဗမာἙλληνική中文日本語한국어+ Alle talen
See More Jesus

Wat Zegt de Bijbel Over Kennis? — Het in de Praktijk Brengen · KJV Schriftteksten met Strong's Nummers — Bijbelquiz

Kies bij elke referentie hieronder wat dat vers leert. Je score verschijnt aan het einde.

This is the graded quiz. Pass it to earn credit toward your Ministry Certificate of Endorsement.

Spreuken 1:7 — De vrees des HEEREN is het beginsel der wetenschap; de dwazen verachten wijsheid en ________.
overtreding
blijdschap
tucht
Spreuken 2:3 — Ja, zo gij tot het ________ roept, uw stem verheft tot de verstandigheid;
verstand
wetenschap
liefde
Spreuken 2:4 — Zo gij haar zoekt als ________, en naspeurt als verborgen schatten;
liefde
wijn
zilver
Spreuken 2:5 — Dan zult gij de vreze des HEEREN ________, en zult de kennis van God vinden.
verstaan
hoop
rijk
Spreuken 18:15 — Het hart der ________ bekomt wetenschap, en het oor der wijzen zoekt wetenschap.
slagen
twisten
verstandigen
Psalm 94:10 — Zou Hij, Die de ________ tuchtigt, niet straffen, Hij, Die den mens wetenschap leert?
heidenen
waarheid
midden
Hosea 6:3 — Dan zullen wij kennen, wij zullen ________, om den HEERE te kennen; Zijn uitgang is bereid als de dageraad; en Hij zal tot ons komen als een regen, als de spade regen en vroege regen des lands.
betalen
vervolgen
zaaien
Johannes 7:17 — Zo iemand wil Deszelfs wil doen, die zal van deze ________ bekennen, of zij uit God is, dan of Ik van Mijzelven spreek.
leer
juk
takken
Mattheüs 11:29 — Neemt Mijn ________ op u, en leert van Mij, dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen.
naaste
takken
juk
2 Petrus 3:18 — Maar wast op in de ________ en kennis van onzen Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid, beide nu en in de dag der eeuwigheid. Amen.
totdat
begin
genade
2 Petrus 1:5 — En gij, tot hetzelve ook alle naarstigheid toebrengende, voegt bij uw ________ deugd, en bij de deugd kennis
genade
bekend
geloof
Spreuken 10:14 — De ________ leggen wetenschap weg; maar den mond des dwazen is de verstoring nabij.
wijzen
verre
blijdschap
Spreuken 15:14 — Een ________ hart zal de wetenschap opzoeken; maar de mond der zotten zal met dwaasheid gevoed worden.
verstandig
rijkdom
rijk
Kolossenzen 1:9 — Waarom ook wij, van dien dag af dat wij het gehoord hebben, niet ophouden voor u te bidden en te begeren, dat gij moogt vervuld worden met de kennis van Zijn wil, in alle wijsheid en ________ verstand;
lerende
ontmoette
geestelijk
Kolossenzen 1:10 — Opdat gij moogt wandelen waardiglijk den Heere, tot alle behagelijkheid, in alle goede werken ________ dragende, en wassende in de kennis van God;
getrouw
schoon
vrucht
Filippenzen 1:9 — En dit bid ik God, dat uw ________ nog meer en meer overvloedig worde in erkentenis en alle gevoelen;
liefde
duisternis
dwaasheid
1 Korinthiërs 8:1 — Aangaande nu de dingen, die den afgoden geofferd zijn, wij weten, dat wij allen te zamen kennis hebben. De kennis maakt opgeblazen, maar de ________ sticht.
macht
oordeel
liefde
Spreuken 3:6 — Ken Hem in al uw wegen, en Hij zal uw ________ recht maken.
heren
vrienden
paden
Psalm 119:66 — Leer mij een goeden zin en wetenschap, want ik heb aan Uw ________ geloofd.
wegen
handen
geboden
Spreuken 24:5 — Een wijs man is ________; en een man van wetenschap maakt de kracht vast.
sterk
verwoesting
hemel
2 Korinthiërs 10:4 — Want de wapenen van onzen krijg zijn niet ________, maar krachtig door God, tot nederwerping der sterkten;
begerende
vleselijk
nuchteren
2 Korinthiërs 10:5 — Dewijl wij de overleggingen ter nederwerpen, en alle hoogte, die zich verheft tegen de kennis van God, en alle ________ gevangen leiden tot de gehoorzaamheid van Christus;
gedachte
markten
krijgen
2 Korinthiërs 4:6 — Want God, Die gezegd heeft, dat het licht uit de ________ zou schijnen, is Degene, Die in onze harten geschenen heeft, om te geven verlichting der kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Jezus Christus.
duisternis
goede
goedertierenheid
Efeziërs 6:17 — En neemt den ________ der zaligheid, en het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord.
diepte
helm
krachtig
Maleachi 2:7 — Want de lippen der priesters zullen de wetenschap bewaren, en men zal uit zijn mond de wet zoeken; want hij is een engel des HEEREN der ________.
jaren
oversten
heirscharen
Spreuken 15:2 — De tong der wijzen maakt de wetenschap goed; maar de mond der zotten stort overvloediglijk ________ uit.
dwaasheid
weldadigheid
grootheid
1 Petrus 3:15 — Maar ________ God, den Heere, in uw harten; en zijt altijd bereid tot verantwoording aan een iegelijk, die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en vreze.
heiligt
gemeenschap
overvloedig
2 Timotheüs 2:15 — Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der ________ recht snijdt.
tijd
dienst
waarheid
Daniël 11:32 — En die goddelooslijk handelen tegen het ________, zal hij doen huichelen door vleierijen; maar het volk, die hun God kennen, zullen zij grijpen, en zullen het doen.
verbond
heerlijkheid
voeten

← Terug naar de studie